Onze eindeloze zomer

Met natte haarslierten in mijn nek, vertel jij mij over de hitte. Autoramen op standje los, wind zo warm als de zon, en een auto als zandbak. Jij wenst de zomer de eeuwigheid. Ik heb me altijd afgevraagd waarom, terwijl ik weet dat jouw woorden mij ruimte kunnen geven als ik voor onduidelijkheid kies. Jouw verhalen omarmen mijn creativiteit, en dus wil ik het niet weten en laat ik de vraagtekens in mijn hoofd dansen. Ik doezel weg en laat de zon mijn hoofd slaperig maken. Auto’s zoeven voorbij. Voor even voelt het alsof we rijden op de golven. Zo vrij en toch beklemmend. Zo rustgevend – ik kan het water bijna horen – en toch weten we nooit wanneer de golven zullen bonken. Het water zal ons verslaan en vervolgens zachtjes huilen. Het zand tussen mijn tenen voelt als een last. Een herinnering waarvan we niet weten of ze een goede blijft, of zal veranderen in een beladen souvenir. 

Lees meer

Het verloren kind

in een toekomstloos verleden
hoorde ik de bomen vragen
na het verlies van hun kroost
aan een doorgeslagen wind
help mij de dans te dragen
vang de kou op uit de dood
omarm mijn kaalheid met de troost
smeek u mij terug te geven
mijn onvolgroeid verloren kind

en in de woorden van die bomen
verdwijn ik in een kwetsbaar rijk
zie de ontwakende dood ontdooien
takken gevlochten in jouw vingers
jouw warmte binnen handbereik
hier waar ik omarmd word
door de bouwstenen van jouw schrijn
beaam ik in de rusteloze stilte
samen met jou verloren te zijn

Lees meer

Ik en de stilte in koor

De plaat ligt en ik wacht af
De stilte draait door en jouw stem komt op
Ik laat het aan staan en rond gaan 
Voor de tijd van duizend liedjes

Ik draai door naar een toekomst zonder jou
Ik dwaal af naar de droomwereld met jou

Een plaat zonder einde
Verborgen in de chaos
Waar we samen verdwijnen
Tot we verbonden zijn en los
Vervreemd en verenigd
Ik wilde jou bewaren
Gek hoe je een liedje 
Later anders kan ervaren

De plaat stopt en jouw stem houdt op
De plaat ligt en ik wacht af
De stilte draait door

Ik en de stilte in koor

Aan de goden van de doden #2

Hier schrijf ik mijn brieven aan de goden van de doden. Mogen zij die ons verlaten hebben altijd in leven blijven door onze woorden.

Wanneer ik samen met Yze – onze bruine viervoeter thuis – een wandeling maak, voelt het altijd alsof de doden naast me lopen. Met onze nieuwe schoenen over zanderige paden die eindeloos lijken. Springend over plassen water terwijl het regent, ontwijkend aan het aardse water terwijl de regen op ons valt. We beginnen nieuwe verhalen zonder de oude te eindigen, en soms gaan we zo op in elkaars stem dat ik niet eens meer weet wie nou wat zegt. Af en toe worden we gedragen door de stilte: we wachten op een antwoord van Yze die nooit gaat komen, of de onvoltooide toekomst in ons hoofd neemt het even over. Maar de doden weten me altijd weer bij het heden te brengen. Tijd is een bijzonder iets. 

Vroeger vond ik dat we tijd te veel hadden. Dagen duurden te lang en vrije tijd was er te vaak. Ik vroeg me vaak af of ik al die tijd niet aan iemand anders kon schenken, iemand die het harder nodig had dan ik. De oma die het eerste ballet optreden van haar kleindochter nog mee wilde maken, of de uitzwaaier die het afscheid vast zou willen pakken zoals je met een foto doet, of misschien wel aan iedereen die meer tijd nodig heeft voor het formuleren van een antwoord nadat ze erachter komen dat je je broer verloren bent. Iets verloren hebben, gaat over de gebeurtenis van het verliezen. Iets verloren zijn, gaat over de consequenties die het voor je gehad heeft. 

Ik denk dat het verlies van mijn broer meer iets voor mij ‘is’ dan ‘heeft’, al kan ik die eerste week nog per minuut omschrijven. De chaotische uren werden gevuld met gesprekken die niemand verstond of onthield, en de pijn werd enkel verzacht door nog meer pijn. De hoeveelheid gezichten die ik niet kende, heb ik niet meer geteld nadat ik de vierendertig bereikte. Alsof de maat toen pas vol was. 

Lees meer

Woeste zee

Haar grenzen zijn als de golven
Zie ze komen, zie ze gaan
Leert ze kennen door te durven
Zoekt ze op, gaat er vandaan

Laat zich verdrinken in het oude
Wordt overspoeld door het vertrouwde
Maakt zich warm voor al het koude
Van de zee, de woeste zee

Leert losser vast te houden
Aan de structuren die ze bouwde
Omdat ze enkel nog benauwden
Toe dan zee, neem ze maar mee

Lees meer

Aan de goden van de doden #1

Hier schrijf ik mijn brieven aan de goden van de doden. Mogen zij die ons verlaten hebben altijd in leven blijven door onze woorden.

Ik ben niet bang voor de dood. Of het leven wat na het heden plaatsvindt. Ik omarm de toekomst met alle liefde die je voor onwetendheid kan hebben. Raak er zelfs van overtuigd dat ik met de dag beter wordt in het uitkijken naar morgen. Dat ik daardoor soms vergeet om in het heden te leven, is een bijkomstigheid die enkel mijn geweten belangrijk lijkt te vinden. 

In het heden kunnen leven en de mensen om je heen bewonderen is wat telt, zoals mijn geweten mij dat zo tegendraads op het hart kan drukken. Stil staan, opkijken van je telefoon, ongemakkelijk oogcontact maken met alle andere mensen die ook van hun geweten op moesten kijken, en weer doorgaan. Het heden is me wat. De toekomst lijkt mij interessanter. 

Lees meer

Momenten

Er zijn momenten in herhaling. Als een loop die draaien blijft. Het zijn momenten van ons samen. Jouw geur die mij beklijft.

Het zijn momenten in dit huis. Waar jij woonde, jarenlang. Het zijn momenten. Overweldigend. Stellen me gerust. Maken me bang.

Soms helder en intens. Aanwezig, energiek. Meeslepend, net alsof je voor even naast me staat. Maar ook soms zo ver weg. Je gezicht enkel een vlek. Je stem een vage klank. Alsof je mij opnieuw verlaat.

Lees meer