The Thing Is – by Ellen Bass

Geïnspireerd door de podcast The Anthropocene Reviewed waar John Green verschillende aspecten van het antropoceen beoordeelt op een schaal van vijf sterren.

Soms leer je dingen in het leven door ze gewoon te doen. Denk aan het vinden van lichtknopjes door er per ongeluk tegenaan te gaan staan, of bijna je been breken omdat je denkt door je yogamat heen de laatste traptrede te kunnen zien. Andere dingen leer je omdat ze ontiegelijk vaak tegen je gezegd worden, en het kwartje uiteindelijk valt omdat het verhaal op dit moment met je resoneert. Zoals toen ik eindelijk meditatie probeerde en de opgebouwde weerstand langzaam plaats maakte voor rust. En weer andere dingen leer je eigenlijk nooit. Zoals het begrijpen van rouw. Gevangen tussen de plotselinge leegte willen opvullen en tegelijkertijd niet weten met wat, met vraagstukken rondlopen waar niemand antwoord op heeft, en constant weer de steken voelen van overweldigend verdriet.

Lees meer

De veerkracht van veertjes

Geïnspireerd door de podcast The Anthropocene Reviewed waar John Green verschillende aspecten van het antropoceen beoordeelt op een schaal van vijf sterren.

De dag waarop ik er achter kwam dat al mijn keuzes terug te leiden waren naar angsten in plaats van naar wensen, was tevens de dag waarop ik ontdekte dat ik door een klein gaatje – net boven het klittenband van mijn linkermouw – één voor één de vulling uit mijn jas kon trekken. Het deed me denken aan hoe ik me voel als iemand anders alle energie uit mijn lichaam trekt. Mijn energie opeens aan die ander toebehoort. Het deed me ook denken aan alle mooie mensen die hun vulling met mij willen delen. Aan de man die vanochtend de deur voor me open hield, mijn zus die piano speelt, en de honden die naast me (lees: op me) kwamen liggen uit liefde (voor mogelijke voeding die ik ze kon geven).   

De jas in kwestie is paars en zit vol met kleine veertjes. Donzen veertjes op elkaar gestapeld. Het zorgt ervoor dat ik warm blijf en maakt de jas niet te zwaar. Het zal heus ook wel andere functies hebben, maar het gemak om me daar niet druk over te hoeven maken, neemt mijn gedachten momenteel over. De jas is niet eens van mij. Soms draagt mijn moeder het, en soms zie ik mijn zus er in lopen. De vulling heeft geen vaste baas en past zich telkens aan. Net zoals mijn wil. Mijn wensen. Mijn gedachten. Gedachten over dat het grappige aan het delen van een jas is, dat je telkens naar het parfum van iemand ander ruikt. Soms voel ik me dan ook een beetje die ander. Kruip ik in hun rol. 

Lees meer

Joggingbroeken

Geïnspireerd door de podcast The Anthropocene Reviewed waar John Green verschillende aspecten van het antropoceen beoordeelt op een schaal van vijf sterren.

Er is een joggingbroek te koop in de stad. Elastieken banden bij je heupen en enkels, diepe zakken waar je handen in verdwijnen, en zachte stof die je benen als een deken omarmen. Toen ik en mijn joggingbroek elkaar ontmoette in het pashokje, voelde het nogal dubieus. Het is zo’n broek die overal wel bij past en die je alle dagen door kunt dragen. Dat is, alle dagen dat je thuis bent. Het is niet een broek waarmee je rode lopers trotseert of te vaak mee op een foto gezien wilt worden, en toch was ‘ie perfect. Perfect voor een huismus zoals ik. 

Iets kopen waarvan je weet dat je het alleen voor specifieke doeleinden gaat dragen, is zo gek nog niet. Vorig jaar haalde ik donkerblauwe hakken waar ik nog geen half uur op kan lopen zonder een heel gek loopje te ontwikkelen waarbij mijn tenen net niet helemaal verdoofd worden. Ook heb ik tassen die te chique zijn om gedegradeerd te worden naar de dress code ‘smart casual’, en een blouse waarvan de linker manchetten missen waardoor het een zomer-blouse is geworden waarbij ik de mouwen op kan stropen. Maar toch: een kledingstuk kopen waarvan je weet dat je er de deur niet mee uit zal gaan, voelt toch wel anders. Een joggingbroek kopen: dat voelt dubieus.

Lees meer

Aan de goden van de doden #4

Hier schrijf ik mijn brieven aan de goden van de doden. Mogen zij die ons verlaten hebben altijd in leven blijven door onze woorden.

De vloer is warmer dan verwacht. Het voelt alsof iemand me voorgegaan is en een vertrouwde plek voor me heeft achtergelaten. Mijn emoties reiken verder dan mijn handen. Ik speel met het tapijt tussen mijn vingers. Zacht. Bekend. Buiten begint het donker te worden. Donkerder dan zijn koude lichaam. Ik wil er niet aan denken. 

Er hangt een lichtknopje aan de muur. Ik zie het. Ik hoef het niet in te drukken. Ik hoef de kamer om mij heen niet te verkennen want ik ken het al. Ik liep dagelijks binnen zonder eraan te denken dingen op te slaan. Ben compleet vergeten om bij momenten stil te staan. Ik dacht dat je nog jarenlang met me mee op reis zou gaan. En nu sta ik hier. Verward. Verstild. Verdoofd. Verlaten. Alleen.

Lees meer

Aan de goden van de doden #3

Hier schrijf ik mijn brieven aan de goden van de doden. Mogen zij die ons verlaten hebben altijd in leven blijven door onze woorden.

Sinds we hier liggen zijn er al vijf vliegtuigen langs gevlogen. We tellen hardop. Jij en ik. En ik vertel je over de dag dat ik ook zo hoog zal zijn. De wolken aan kan raken. Mijzelf een wolk kan voelen. Je luistert, maar je gedachten zijn ergens anders. Onverstoord praat ik door over de reis die komen gaat en beloof ik je dat ik naar je zal zwaaien. Zo hard als ik kan. De raampjes van een vliegtuig zijn klein en de afstand is groot, maar ik wil het graag beloven. En dus, terwijl de zon de lakens nog open slaat, heb ik mijn favoriete belofte van de dag alweer gemaakt. De zon heeft zijn ogen lichtjes gesloten en jij doet het na.

Ik voel aan alles dat dit een bijzonder moment is. Jij en ik, liggend op de trampoline, met onze ogen dicht en oren open. Even een momentje voor onszelf. Het voelt zo breekbaar dat ik het idee heb te moeten fluisteren. Ik draai me naar je toe en fluister ‘Zwaai jij dan terug?’ Je bent stil. Ik laat het. In mijn hoofd dwarrelt jouw reactie rond, een gefluister te zacht voor het menselijke oor. En zonder moeite heb jij het gesprek weer naar stilte gebracht.

Het vliegtuig brengt me naar Praag. De vlucht is rommelig. Mijn maag rommelt mee. Ik land ‘s avonds laat en besluit eerst een snackbar op te zoeken in plaats van te kijken wanneer de laatste tram naar mijn hostel vertrekt. Het zal later blijken geen hele goede keuze te zijn geweest, maar ik vind rust in de onwetendheid.

Lees meer